top of page

Zorg ontzorgt?

  • 1 jul
  • 3 minuten om te lezen

Goedemiddag dokter, zei ik terwijl ik haar een hand gaf. Een vervanger voor mijn vaste huisarts — zij had het te druk.

Mijn jongste zoon stond naast me. Hij was in korte tijd hard gegroeid en had last van zijn rug. De horizontale striae waren duidelijk zichtbaar.


Ik vertelde haar zijn klachten en vertelde dat mijn ex het ook had opgemerkt.

Daar haakte ze meteen op in.

“Gescheiden? Ah, dat verheldert de zaak gelijk, mevrouw.”


In één klap sloeg haar houding om: van luisteren naar oordelen. Armen over elkaar, kin iets omhoog.

“Ik moet u dringend zeggen dat deze striemen iets anders laten zien dan een groeispurt.”

Ik wilde nog reageren, maar ze ging door.

“En verder wil ik uw kind nu meteen apart spreken. Leg hem maar op de bank, dan onderzoek ík hem.”


Ik stond buiten voordat ik goed en wel begreep wat er was gebeurd. Mijn zoon boos, van slag. Hij wilde niet bij mij weg — hij had gewoon rugpijn.


Niet veel later belde mijn vaste huisarts. Of ik samen met mijn zoon langs wilde komen.

Hij wilde eigenlijk niet meer, maar uiteindelijk kreeg ik hem toch mee.

Ze bekeek zijn rug, werd stil en zei:

“Mevrouw, dit is gewoon striae. Hij groeit te snel. Zijn huid kan het tempo niet bijhouden.”

Ze vond het vervelend hoe dit was gelopen.


Maar het vertrouwen van mijn zoon was weg.

Alle vertrouwen in de zorg — in de poortwachters — compleet verdwenen.

We stapten over naar een andere huisarts.


Daar vertelde ik dat mijn vorige huisarts het even vergeten was dat uitslag van m’n baarmoederhals niet goed was en moest worden doorverwezen naar de gynaecoloog.

De gynaecoloog keek me later vol ongeloof aan: waarom ik zo lang had gewacht. Uitslag pap3 etc.


En toen kwam huisartspraktijk nummer twee.

Waar mijn zoon werd gezien als slachtoffer.

En ik als slechte moeder.

Met een waarschuwing boven mijn hoofd.

Mijn zoon wilde nooit meer naar een huisarts.


Dus nu zit ik bij nummer drie.


Het voelde al jaren niet goed dat ik steeds terug moest naar mijn vaste gynaecoloog voor onrustige uitslagen, maar nooit “erg genoeg” voor ingrijpen.

Ik wilde een second opinion.

Samen met mijn verloofde zat ik tegenover de huisarts.


“Nou mevrouw, dat doen we niet zomaar. Heeft u wel gegoogeld?”

Ik keek hem aan.

“Wat bedoelt u?”

“Als u googelt, weet u wat dit inhoudt.”


Ik zei dat ik een second opinion wilde. Dat ik mijn baarmoeder wilde laten verwijderen.

Ik heb twee gezonde zoons. Ik wil er nog lang voor hen zijn.

Na aandringen gaf hij toe.


De gynaecoloog luisterde, las mijn dossier en was resoluut:

“Mevrouw, ik ga u opereren.”

Ik barstte in tranen uit. Eindelijk.


Na de operatie belde de assistente.

“Namens de gynaecoloog moet ik u zeggen dat u gelijk had. Dat zeggen we bijna nooit tegen een patiënt. U was op tijd.”


Die woorden kwamen hard binnen.

Het had anders kunnen lopen.


Burn-out. POH. Psychologen. EMDR — ruim dertig sessies.

Onderzoek naar ADHD en autisme. Neurodiversiteit vastgesteld.

Medicatie zou volgen, maar eerst een hartfilmpje.


Dus weer naar de huisarts.


De assistentes discussieerden waar ik moest liggen.

Toen kwamen ze met de apparatuur. Snoeren in de knoop.

Ik kreeg A3‑vellen met gebruiksaanwijzingen op mijn buik.

“Blijf even liggen hoor mevrouw, het is zo klaar.”


Een half uur lag ik daar, half ontbloot, koud.

Voor een paar seconden hartslag.


“Wordt de uitslag doorgestuurd naar de psychiater?” vroeg ik.

Ze keek verontwaardigd.

“Nee, dat doen wij niet. U mag er wel een foto van maken.”


Ik maakte de foto.

Vroeg nog advies over vitamines en bijwerkingen.

En ja hoor — daar kwam het google‑verhaal weer.

Een website, een bijsluiter.

Ik stond in dezelfde ruimte als de huisarts, maar moest het zelf opzoeken.


Later belde de psychiater.

Ze had het druk, maar wilde weten hoe het was gegaan.

Toen ik zei dat het hartfilmpje goed was, vertelde ze dat ze de medicatie al had voorgeschreven.


Het blijft wel bijzonder dat ik bij één telefoontje al toegang verkrijgt tot een stimulerend middel.


Laten we maar even googelen…


Methylfenidaat.

Stimulerend.

Receptplichtig.

Onder de Opiumwet.


Mja…


En ik zit nog steeds bij dezelfde huisartsenpraktijk.

Het geklungel blijft.

Heb je gegoogeld?

Elke keer weer.


Vermoeiend.

Maar ik weiger nog een vierde praktijk.

Geen zin om te shoppen.


Volgende keer neem ik wel een koffiekan mee.

Met gebak.

Kunnen we praten over koetjes en kalfjes.

In plaats van al dat serieuze gelul over gezondheid.

bottom of page