Een reis door de sterrenhemel...
- 29 jun
- 1 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 3 jul
Kleine drommel,
Terwijl ik jou zie slapen,
adem je zachtjes door, zonder zorgen.
Af en toe zie ik je gapen,
onder je dekentje, warm en geborgen.
Je knuistjes gaan tesaam.
Soms vraag ik mij af,
waar je dromen heengaan.
Hoeveel schaapjes zul je tellen?
Waar gaan de elfjes heen?
Tussen al die fonkelende sterren
dwaalt de sterrenstof erdoorheen.
Zo nieuwsgierig als je bent,
ga je stiekem met hen mee.
Daar heb je de Grote Beer —
hij kijkt weltevree.
Via de Kleine Beer kom je bij de Poolster,
de mooiste ster van allemaal,
straalt helder en eindeloos ver.
Zachtjes daal je neer in je warme bed,
gedragen door de sterren zo fijn.
Daarna gaan je oogjes open,
door de zonneschijn.
Dan vertel je papa en mama
over het allermooiste sterrenparadijs —
want dit was de allermooiste reis.